De claim van de professor is dat je communicatie in cijfers kan vatten. En wel deze:

  • 55% visueel – Non-verbaal: Lichaamstaal (houding, gebaren, dynamiek)
  • 38% vocaal – Para verbaal: Vocaal (stemhoogte, toon, stemvolume, intonatie)
  • 7% verbaal – Verbaal: Boodschap via woorden

Wanneer je de eerste twee percentages bij elkaar optelt, dan kom je tot het percentage van 93%. Dit percentage wordt buiten de context geciteerd.

Beweringen die vele ‘leiderschapsgoeroes’ hanteren:

  • In zijn experimenten werd 93% van de betekenis afgeleid uit stijl, expressie, toon, gezichtsuitdrukking en lichaamstaal.
  • Slechts 7% van wat wij communiceren bestaat uit de letterlijke inhoud van de boodschap

Deze beweringen zijn echter veel te kort door de bocht.

 

Vorm en inhoud zijn een team!

 

Wanneer je alleen rekening houdt met het percentage van 7%, dan geef je woorden niet de waarde die ze toekomen. Woorden nemen echter een veel groter percentage in beslag wanneer je een boodschap duidelijk wil maken. Het onderstaande filmpje legt duidelijk uit hoe dat zit. Je woorden en je uitstraling werken als een team samen. In het beste geval versterken ze elkaar en tellen vorm (non-verbaal en para verbaal) en inhoud (verbaal) evenredig mee.

 

Wanneer telt die 7% dan wel?

 

Wanneer jouw woorden niet worden bevestigd door je lichaamstaal en de manier waarop je je stem gebruikt, dán gaan jouw toehoorders/waarnemers twijfelen aan jouw verhaal. Dan is er de kans dat jouw verhaal voor slechts 7% op waarde wordt geschat. Daarom besteed ik bij mijn cliënten altijd aandacht aan hun ‘high class presentatie’. Ze ontvangen onder andere imagoprincipes, waarmee zij in hun presentatie hun boodschap versterken. Het is in onderzoek bewezen dat je toehoorders makkelijk door je overtuigd worden wanneer de inhoud in lijn is met de persoonlijke presentatie;  de juiste dynamiek die tevoorschijn komt in kleuren, contrasten en belijning van kleding, haarstijl en make-up, alsmede door de juiste lichaamshouding en ‘tone of voice’.